Ralph Miliband en het socialisme vandaag

Jan Blommaert

Afbeelding

In een vorig artikel besprak ik de merkwaardige rel in Groot-Brittanie, waarin Ralph Miliband centraal stond. De Marxist Miliband zou een ‘landverrader’ geweest zijn, althans volgens de Daily Mail. Ik gaf aan dat de keuze voor Miliband als schietschijf voor rechts wel bijzonder ongelukkig was, want Miliband stond buitengewoon afkerig tegenover het Stalinisme en de Sociaaldemocratie van Labour. Hij paste dus niet in het plaatje van de Rooie Schurk die onze democratie naar de haaien wil helpen en onze welvaart wil vergooien. Hij beleed en ontwikkelde een heel orthodox socialisme dat gedragen was door morele argumenten – de bevrijding van de mens – en dat in de eerste plaats een volwaardige democratie moest zijn. Ik wil in wat volgt dit punt nog even verdiepen, en ingaan op Milibands kritiek op de Sociaaldemocratie. Zijn opmerkingen hebben immers relevantie voor vandaag.

Een onafhankelijk socialist

Ralph Miliband noemde zichzelf graag een “independent socialist”: een socialist die zich niet gebonden voelde, intellectueel evenmin als politiek, door partijen en andere gevestigde belangengroeperingen. Hij zou zijn analytische standpunten nooit aanpassen aan de prioriteiten van de dag, noch aan de strategie van anderen. Hij was een tijdje – vrij kort – lid van Labour maar verliet de partij onder invloed van zijn eigen analyse ervan. Labour bood geen hoop op een socialistische maatschappij, zo had hij geoordeeld. Hij bleef wel levenslang intense contacten houden met mensen uit de linkervleugel van Labour, zoals Tony Benn; maar die contacten verzoenden hem niet met Labour als parlementaire machine, en nog minder met Labour als een strategisch instrument voor de uitwerking van een socialistische samenleving.

Zijn boek uit 1961, Parliamentary Socialism, had de geschiedenis van Labour geschetst als een geleidelijke maar radicale verwijdering tussen proletariaat en partij; een stroom artikels in, onder andere, The Socialist Register en The New Left Review vulden zijn analyses nog aan. Wie deze oudere teksten herleest – sommige van zijn kritieken stammen al van 1957 – staat versteld van hun actualiteitswaarde.

Ik zal in wat volgt drie punten aanhalen die Miliband herhaaldelijk ontwikkelde in zijn kritiek van Labour. We zullen zien dat ze nog steeds van toepassing zijn. De drie punten passen in een ruimere analyse, uiteraard, en die analyse komt erop neer dat de strategie van de macht zoals die door Labour sinds het begin van de 20ste eeuw werd ontwikkeld – pogen zo vaak mogelijk bestuursbevoegdheid te verwerven – Labour heeft omgevormd tot een partij van de status-quo. Meer nog: tot de partij van de status-quo, die de belangen van elites verzekert en het kapitalisme doorheen een aantal zware crisissen helpt.

De kleine politiek

Een eerste punt van kritiek is dat de Sociaaldemocratie, wanneer ze aan de macht is, kleine maatregelen voorstelt als ‘socialisme’. Met andere woorden: Labour argumenteert dat ze ‘socialistisch’ beleid voeren wanneer ze een waslijst van piepkleine en niet-fundamentele ingrepen kan voorleggen, die het ‘het leven voor de mensen beter maken’. Eerder dan structurele ingrepen, die het kapitalisme afbouwen en een socialistische samenleving bouwen, laat Labour de kapitalistische structuren intact – incluis de structuren die armoede en ongelijkheid genereren – en verzorgt ze een dun laagje vernis van ‘sociale’ maatregelen die dan metonymisch voor het ‘hele’ socialisme staan.

Die maatregelen zijn evenwel doorgaans conjunctureel (denk even aan subsidies en toelagen allerhande, zoals voor zonnepanelen, isolatie aan woningen en zo meer) en dus makkelijk op te doeken of terug te schroeven wanneer er een neerwaartse knik in de conjunctuur komt, of wanneer een conservatieve regering het roer overneemt. In zoverre Labour structurele ingrepen heeft gedaan, zijn deze ingrepen door-en-door kapitalistisch van aard, en zelfs gericht op het wegwerken van bepaalde ‘onvolkomenheden’ in het kapitalisme die dan, ironisch, vaak door vroegere Sociaaldemocratische regeringen waren ingevoerd. We kunnen hier denken aan beperkingen op het stakingsrecht of, zoals de SPD in Duitsland, de verregaande flexibilisering van de arbeidsmarkt. In beide gevallen gaat het om ingrepen die de structuur van het arbeidsveld veranderden, ten voordele van het kapitaal, en die dus de macht van de arbeiders op diepgaande en blijvende manier ondermijnde.

Miliband onderstreepte dat de waslijst aan kleine maatregelen op geen enkele manier gelijk kon staan aan ‘socialisme’, omdat socialisme een structurele hervorming van de diepe mechanismen in de samenleving inhoudt. Labour, en met Labour ook allerhande andere Sociaaldemocratische partijen, gaven al heel vroeg de ambitie op om de samenleving structureel te veranderen, en hielden daardoor ook heel vroeg op te bestaan als echte ‘socialistische’ partijen. Hun aanspraken op die term zijn uitsluitend cosmetisch en retorisch, en dienen enkel electorale belangen: stemmen ter linkerzijde halen.

Dit werd, en wordt, vanzelfsprekend ontkend vanuit Labour zelf. Maar Miliband zegt daarover dat labour nooit socialistisch zal worden wanneer het niet beseft, en toegeeft, dat het niet socialistisch is. Men moet Labour dan ook blijven ondervragen over het socialistische kaliber van hun beleid en voorstellen; en als deze niet structureel ingrijpen op de machinerie van het kapitalisme, dan hebben ze niets met socialisme te maken, wel met een ‘sociaal gecorrigeerde markteconomie’ of andere eufemismen voor simpel kapitalisme.

De eenheid van links

Een andere constante in het beleid van Labour, waarvoor Miliband geduld noch begrip had, was de voortdurende oproep om ‘de linkerzijde niet te versplinteren’. Van zodra Labour vanuit de linkerzijde onder vuur kwam te liggen werd dit argument bovengehaald: linkse kritiek op Labour is nergens goed voor want ze verzwakt het ‘linkse front’, en dus Labour, en zou zo de ‘linkse zaak’ eerder schaden dan baten.

Miliband verwerpt dit argument op eenvoudige empirische gronden. Telkens dit soort van conflicten optrad in de geschiedenis van Labour diende de oproep tot linkse eenheid maar een enkel doel: de linkse kritiek smoren en de krachten links van de partij aan banden te leggen. Objectief kwamen dergelijke oproepen tot eenheid dan ook telkens nadelig uit voor de linkerzijde: terwijl vakbonden tot kalmte en geduld werden aangemaand werden de vleugels van die vakbonden geknipt; terwijl Marxisten opgeroepen werden om de linkse eenheid vooral niet te breken werd hun invloed binnen de partij kordaat uitgeschakeld.

En waarom? Zoals hier boven aangegeven, was Miliband helemaal niet van oordeel dat er behoefte was aan linkse solidariteit met Labour. Labour was immers geen socialistische partij. En wanneer de linkerzijde socialistische kritiek had, dan was het doelwit daarvan vaak, en geheel terecht, de Labour partij, niet de Tories. Oproepen tot ‘linkse eenheid’ vanuit Labour kwamen daarom al te vaak neer op links dat de rechtse hegemonie moest aanvaarden. En dat, zo beklemtoonde Miliband keer op keer, kwam telkens met een hoge prijs voor links, niet voor Labour.

De sociaaldemocratische sirenenzang was dan ook iets wat volgens Miliband geen enkele invloed mocht hebben op een linkse politieke strategie. De analyse van politieke posities mag zich niet baseren op het gebruik van termen als ‘socialistisch’, maar moet de grondslagen van beleid en ideologie als bakens nemen. Elke andere analyse is zinloos, en elke vorm van frontvorming daardoor gevaarlijk.

Natie vervangt klasse

Een derde punt waarmee Miliband zeer grote moeite had was de manier waarop Labour geleidelijk aan haar binding met het proletariaat opofferde voor een vage loyauteit tegenover de natie. Labour – en denk nu even aan Tony Blair – had z’n mond vol van ‘Britain’, niet van de ‘working class’. De politieke eenheid-van-actie was de natie en niet de klasse, en dit was zowel analytisch als politiek een kapitale blunder voor Miliband.

Analytisch was het een blunder omdat de ‘natie’ enkel als abstractie kan optreden; de concrete natie heeft geen enkele vorm van organieke of sociale eenheid, want ze is verdeeld langsheen alle sociologische parameters: klasse, geslacht, leeftijd en zo meer. Een beleid baseren dat ‘de natie’ moest vooruithelpen riep dan ook meteen de vraag op : welk deel van die natie? Dus, wanneer Blair opriep om ‘Britain’ beter te maken dan was de vraag: welk ‘Britain’? Wiens ‘Britain’?

Politiek was het een blunder omdat het antwoord op de vorige vraag duidelijk was: elk beleid dat de natie boven reële sociale formaties stelt zal in werkelijkheid bepaalde sociale formaties bevoordelen, in de regel de leidende klassen en de elites. Men beweert dus ‘Britain’ vooruit te helpen, maar men helpt enkel het kapitaalkrachtige deel van ‘Britain’ vooruit. Het particuliere belang wordt zo verheven – valselijk verheven – tot algemeen belang, en dit heeft een effect op de publieke opinie en op de mogelijkheden tot tegenkracht. Immers, wie zich tegen maatregelen verzet die ‘Britain’ vooruit willen helpen, kan het verwijt krijgen tegen ‘Britain’ te zijn. Blair speelde dit verwijt overigens constant uit, en hij was uiteraard niet de enige.

Een socialistische partij, volgens Miliband, is een partij die een organische band heeft met een sociale klasse, het proletariaat. Dit proletariaat streeft vanuit z’n verdrukking en marginalisering naar universele waarden: gelijkheid, vrijheid, emancipatie, rechtvaardigheid. Zich afkeren van deze klasse, en de organische politieke band ermee opgeven, betekende het opgeven van die universele waarden en het vervangen ervan door particuliere, gesitueerde belangen – die van de burgerij en het kapitaal, wier politieke horizon korter en agenda beperkter zijn dan die van het proletariaat. Ook dit was, dan, een centraal argument voor Miliband om Labour niet langer als ‘socialistische’ partij te aanvaarden.

En vandaag?

De drie punten die ik hier heb behandeld zijn nog steeds relevant, ook al schreef Miliband ze ruim een halve eeuw geleden uit. Het retorische gebruik van politieke etiketten – ‘socialistisch’, maar even goed ‘liberaal’ of zelfs ‘democratisch’ – kan nooit volstaan als bepaling van een politieke positie. Het is niet omdat een partij of beleidsmaker zichzelf ‘socialistisch’ noemt dat dit ook zo moet erkend worden. Men verdient die kwalificatie op heel andere gronden dan door ze simpelweg op te eisen.

Die heel andere gronden voeren ons terug naar datgene wat Miliband, samen met Marx, constant benadrukte: doe de analyse. Politieke posities moet men onderzoeken aan de hand van duidelijke vragen: wiens belangen worden hier gediend? Hoe verhoudt deze maatregel of dit voorstel zich tegenover een ideologie of een basisprogramma? Welke principes drijven het beleid en de maatregelen aan? En enkel aan het einde daarvan kan men zeggen waar deze of gene partij moet gesitueerd worden – links, rechts of tussenin. Er is geen shortcut voor analyse.

Miliband was genadeloos in zijn kritiek, en in mijn vorige stuk heb ik daarvoor de redenen gegeven: hij was een uiterst orthodox en principieel socialist, wiens maatstaf stabiel bleef doorheen z’n leven. Terwijl anderen aan het twijfelen gingen aan hun beginselen of uitgangspunten – bijvoorbeeld in de context van de val van de Muur – bleef Miliband ze beklemtonen. Socialisme had voor hem immers een universele waarde, en niet enkel als agenda voor politieke strategie maar ook, of meer nog, als mensbeeld en maatschappijbeeld. Die laatste waren niet op te offeren aan trends, tijdelijke populariteit, of de grillen van de tijd. Ze bleven overeind, en het feit dat ze nooit in een staat of door een regering waren gerealiseerd was een reden voor hem om hun waarde te blijven beklemtonen. Geef niet op wat waardevol is, gewoon omdat het niet haalbaar lijkt. In de ogen van je tegenstrevers, welteverstaan.

Advertenties

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s